Kredietcrisis: Wat kan Europa doen om de financiële sector weer gezond te maken?
Op initiatief van EU voorzitter Sarkozy kwamen de 15 eurolanden en het Verenigd Koninkrijk afgelopen weekend bij elkaar in Parijs om een Europees antwoord te geven op de internationale kredietcrisis. Het plan van aanpak waarover de eurolanden overeenstemming bereikten – overheidsgaranties voor interbancaire leningen en kapitaalinjecties – lijkt zijn vruchten af te werpen. Maandag stonden de beurzen in Azië en Europa voor het eerst sinds het uitbreken van de crisis weer in de plus. Dat duidt erop dat het vertrouwen in het financiële systeem zich voorzichtig begint te herstellen.Waar de Verenigde Staten vooralsnog niet in slaagde, lijkt Europa met het gezamenlijke reddingsplan dus wel te zijn gelukt. Onder aanvoering van EU-voorzitter Frankrijk is Europa beter in staat om eenduidig en slagvaardig op te treden en op een cruciaal moment leiderschap te tonen. Dat is goed nieuws. Maar of het voldoende is om de crisis vlot te trekken, is lastig te voorspellen. Minister Bos (Financiën) gaf aan dat de garantiestelling van de EU-lidstaten – Nederland staat voor 200 miljard garant voor leningen die banken aan elkaar verstrekken – hopelijk voldoende zal zijn om het vertrouwen blijvend te herstellen.
Dat banken elkaar weer geld durven lenen is een belangrijke voorwaarde om de situatie op korte termijn te verbeteren. Want daarmee gaat het geld weer rollen en blijft de economie draaien. Maar dat neemt niet weg dat op de lange termijn actie moet worden ondernomen om het financiële systeem weer gezond te maken.
Strakkere regulering is belangrijk, maar is slechts een deel van de oplossing. Ook een versterking van de rol van nationale toezichthouders lijkt noodzakelijk, evenals een herijking van de instrumenten die zij tot hun beschikking hebben om de financiële sector te beoordelen en te reguleren. Anderzijds is het misschien zelfs de overweging waard om het financiële stelsel, net als het door de Europese Centrale Bank gereguleerde monetaire stelsel (de euro), op Europees niveau te reguleren. Er kan daarbij zelfs gedacht worden aan een Europese toezichthouder voor de financiële sector. Gezien de Europese schaal waarop de crisis nu wordt aangepakt, lijkt dat geen onlogische stap.
Maar is dit een goed idee? Of is financieel toezicht nu juist iets wat de lidstaten het beste in eigen hand kunnen houden?

